 Op naar de Flex-B.V.
Momenteel kennen wij in Nederland een aantal rechtsvormen waarbinnen ondernemingen kunnen worden gedreven. Bij een deel van deze rechtsvormen blijft de ondernemer persoonlijk aansprakelijk voor de schulden die de onderneming aangaat: bij de eenmanszaak, de maatschap, de vennootschap onder firma en de commanditaire vennootschap. Bij het andere deel is de vennootschap aansprakelijk, maar in beginsel niet de persoon die handelt via de vennootschap: dat is het geval bij de naamloze vennootschap, de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid, de coöperatie, de onderlinge waarborgmaatschappij, de vereniging en de stichting. Deze laatste vormen worden de rechtspersonen genoemd.
In het Nederlandse handelsverkeer wordt het meest gebruik gemaakt van de besloten vennootschap. Voor de huidige besloten vennootschap geldt een aantal verplichtingen, waaronder de stortingsplicht van tenminste € 18.000,00, oprichting bij notariële akte en de verplichting van een accountantsverklaring bij inbreng in natura. Er zijn dus nogal wat formele drempels die te nemen zijn alvorens een besloten vennootschap “klaar voor gebruik” is.
Er is nieuwe wetgeving in de maak – en in een vergevorderd stadium – waarbij de besloten vennootschap geflexibiliseerd wordt. Zo komen te vervallen de stortingsplicht van € 18.000,00, de verplichte verklaring van geen bezwaar van de minister, de blokkeringsregeling bij overdracht van aandelen en de accountantsverklaring bij inbreng in natura. Ook komt er een “uitkeringstest” bij het doen van uitkeringen aan aandeelhouders, gecombineerd een aansprakelijkheid voor bestuurders en aandeelhouders indien wordt uitgekeerd waardoor crediteuren van de vennootschap niet meer kunnen worden voldaan. Wel blijven bij inbreng in natura regels voor het bepalen van de waarde, de toegepaste waarde en de toegepaste waarderingsmethode bestaan.
Zodra de nieuwe wetgeving in werking treedt, zullen wij u berichten. Voor meer informatie kunt u altijd contact met ons opnemen.
|